Menu Sluiten

Het donkere verhaal van Gregory Porter

Luisterend naar het repertoire van Gregory Porter, hoor je verhalen die herkenbaar zijn voor iedereen. Maar ook protestsongs over de bejegening van zwarte burgers in de Amerikaanse gemeenschap. Dat de positie van Afro-Amerikanen nog altijd kwetsbaar is, ondervond hij al op zeer jonge leeftijd.

 Nadenken over hoe hij liedjes moet schrijven, doet Porter niet: “Melodieën en teksten vallen me gewoon in als ik iets meemaak of er iets in mijn omgeving gebeurt.” Hij zingt over mensen en hun dagelijkse problemen en bezigheden. Je kunt niet alleen zingen over seks, liefde, politiek of culturele achtergronden, vindt hij. “Alles is met elkaar verbonden. Zo heb ik een nummer opgedragen aan mensen als Amy Winehouse die constant op het randje van de afgrond leven. Die nooit een rustmoment vinden en kunnen leven zoals ze willen.”

Politiek kritisch

Evengoed bekritiseert hij met zijn singles 1960 What? En Fan The Flames de onderdrukking van Afro-Amerikanen in zijn eigen land. Een fenomeen dat hij aan den lijve heeft ondervonden. Het gezin Porter was een van de weinige Afro-Amerikaanse families in Bakersfield. “Toen ik klein was, werden we regelmatig belaagd door blanke mannen. Midden in de nacht gooiden ze een watermeloen en een fles vol urine door het raam of probeerden ze met een kettingzaag onze boomhut om te zagen. Er is zelfs een keer een houten kruis in onze voortuin verbrand. Het maakte een grote indruk op me, maar you cannot let it color your life, you know….

DNA-onderzoek

Toen hij in het kader van een culturele uitwisseling in Zuid-Afrika was, liet hij een DNA-onderzoek doen. “Dat is een betere manier om je roots te onderzoeken dan in de VS via je familie, want dan kom je in negen van de tien gevallen bij de slavernij uit.” Het bleek dat zijn roots in Ghana liggen.

Deel bericht

Share on facebook
Share on twitter
Share on print
Share on email

Laatste nieuws